Okra
Okra cirkels


Printversie
Reis naar het Museum voor Natuurwetenschappen te Brussel - 11 maart 2011


Een aantal keren per jaar organiseert Okra Lovendegem;wat we noemen een budgetvriendelijke reis naar een of ander Belgisch bedrijf of bezienswaardigheid. Het doel hiervan is drievoudig:
a) Het leren gebruiken van het openbaar vervoer waarbij we maximaal gebruik maken van bus, tram, metro en trein.
b) Het maximaal gebruik maken van de (financiële) voordelen die samengaan met het als oudere reizen in groep; gratis op bus, tram en metro – 5,20 euro voor een treinreis tweede klasse, heen terug, naar eender welke Belgisch station.
c) Het beleven van een ontspannende dag in een cultureel of vormend midden.
Onze uitstap van 11 april bracht de Okra’s naar het Koninklijk Museum voor Natuurwetenschappen in Brussel. Een bijkomend interessepunt was wel dat het museum gelegen is binnen de Europese wijk volgestouwd met immense in glas en inox-staal opgetrokken bouwwerken, met zijn eigen futuristisch ogend station, met hoog boven de grond aangebrachte overdekte loopbruggen die de verschillende gebouwen met elkaar verbinden.
Wat betreft het eigenlijke museum:

De zin om dingen bij te houden en te verzamelen is zo oud als de mensheid zelf.
Zelfs op paleolithische vindplaatsen zijn verzamelde voorwerpen gevonden: schelpen, mineralen en zaden waarvan het enige gemeenschappelijke was dat ze opvielen of van ver kwamen of zeldzaam waren. Was de
Neanderthaler een verzamelaar en waarom deed hij dat? We weten het niet. Het is veel eenvoudiger om de motivering en de oorsprong te kennen van de rariteitenkabinetten die tijdens de Verlichting (periode 1650 tot einde van de achttiende eeuw) zo populair waren. De ontdekking van Amerika maakte de aardbol plots veel groter en een nog belangrijker bron van wonderbaarlijke dingen voor de toenmalige aardbewoner.
Geleerden en verlichte kapitaalkrachtige aristocraten hielden zich bezig met het verzamelen, uitwisselen en onderzoeken van allerlei voorwerpen meegebracht door de talrijke militaire, wetenschappelijke of commerciële expedities.
Heel wat musea voor natuurwetenschappen, ook het Belgische zijn ontstaan uit deze rariteitenkabinetten.
Het Natuurkundig en natuurhistorisch kabinet van Karel van Lotharingen die in de periodes van 1741 tot 1744 en van 1749 tot 1780 landvoogd van de Oostenrijkse Nederlanden was bevond zich in het Hof van Nassau te Brussel in de onmiddellijke omgeving van het huidige Koninklijk Paleis. Dit kabinet vormde de grondslag van het latere Museum van Brussel (1802)en vervolgens van het
Koninklijk Natuurhistorisch Museum (1846). Het Hof van Nassau bood echter amper voldoende ruimte om de collectie te herbergen.
De ontdekking in de koolmijn van Bernissart van een dertigtal perfect bewaarde skeletten van de iguanodons, 6 meter grote dinosauriërs, gaf de doorslag: het museum zou worden overgebracht naar het Leopoldspark. Om die unieke schat te huisvesten werd snel een gebouw van ijzer en veel glas opgetrokken dat later en zelfs vandaag nog uitgebreid werd en wordt.
Vandaag biedt het Koninklijk Belgisch Museum voor Natuurwetenschappen onderdak aan 37 miljoen dieren, gesteenten, mineralen en fossielen afkomstig uit de gehele wereld, het resultaat van vele decennia exploratie en onderzoek. Op het eerste zicht lijkt dat veel maar toch is dit nog zeer weinig in vergelijking met de enorme onwaarschijnlijke verscheidenheid aan levensvormen die nog elke dag verder uitbreidt.
Voorwerpen en soorten bijeenbrengen is namelijk geen doel op zichzelf maar een middel: een middel om het leven en zijn geschiedenis beter te leren kennen om het nu te beheren en voor de toekomst te bewaren. Vandaar dat er in het instituut evenveel (onderzoeks-) laboratoria als bewaarplaatsen zijn.Al dat onderzoek brengt een boeiende wereld aan het licht.
Een wereld die miljarden jaren oud is en waarvan we de geschiedenis aan de hand van fossielen opnieuw kunnen samenstellen. Een wereld van zeeën en landen, van bergen en woestijnen, van bossen en steden. Een wereld die buitengewoon vindingrijk is in de manieren om zich te verplaatsen; zich te voeden en zich voort te planten.
Een wereld waarin de geschiedenis van de moderne mens bijzonder kort is – wat betekenen immers 200.000 jaar in de totale leeftijd van ons heelal dat geschat wordt op 13,5 miljard jaar - maar voor ons doorslaggevend is. Een bloeiende levenskrachtige maar zoals de recente gebeurtenissen in Japan ons leren ook zeer kwetsbare wereld.
Op deze 11 maart, een vrijdag tijdens het krokusverlof, waren we uiteraard niet alleen in dit museum. Tientallen scholen waren samen met ons getuige van de wonderbaarlijke biodiversiteit van onze planeet. Op heel wat plaatsen binnen het immense gebouw beleefden groepen jongeren hun initiatie in de boeiende wereld van de fauna en flora van een wereld zoals hij er duizenden en zelfs
miljoenen jaren terug heeft uitgezien met soorten die al lang uitgestorven zijn. Maar ook de vrij jonge geschiedenis van de mens komt uitgebreid aan bod.

Kortom, wij kunnen een bezoek aan dit eerder onbekende museum sterk aanbevelen. Voor onze Okra’s was het in elk geval, een erg verrijkende ervaring.In een van de volgende edities van ons parochieblad vindt u op deze paginas een aantal foto’s genomen tijdens ons bezoek. (T.M.)
Naar boven